Van moeten naar willen

Hoe vaak gebruik jij de werkwoorden denken, weten of vinden? Let er eens een paar dagen op. Het helpt je te ontdekken of jij vanuit je hoofd of vanuit je gevoel leeft. Weten, vinden of denken doe je met je hoofd. Voelen met je hart.

Is het een beter dan het andere? Nee. Niet zolang je er geen last van hebt. Maar merk je dat je veel dingen doet omdat ze moeten? En wil je liever dingen doen omdat je ze wil? Dan doe je er goed aan om meer te gaan handelen vanuit je gevoel, in plaats van keuzes te maken op rationele basis.

Een voorbeeld. Je moeder viert haar verjaardag op de dag dat jij iets voor jezelf gepland hebt. Iets wat je graag doet en waar je naar hebt uitgekeken. Als je naar je hart zou luisteren, zou je wellicht kiezen voor datgene waar je je zo op verheugd hebt. Maar dan is er dat stemmetje dat zegt: ‘je weet hoe leuk je moeder het vindt als je erbij bent’, ‘misschien hebben we wel niet meer zoveel verjaardagen samen’, ‘als ik afzeg, krijg ik vast weer gedoe met mijn zus’, ‘het is egoïstisch om voor mezelf te kiezen’.

Welk stemmetje wint het bij jou? Dat van je hart, of dat van je verstand?

Nogmaals, er is geen goed of fout. Maar weet dat luisteren naar je hart in de regel altijd beter uitpakt dan luisteren naar je hoofd. Wil je meer dingen doen waar je blij van wordt? Probeer de stem van je hart dan luider te laten klinken dan de stem van je hoofd. En start met opmerkzaam te worden op je woordgebruik. Turf eens hoe vaak je een zin start met ‘ik weet’, of ‘ík denk’, of ‘ik vind’. En stel jezelf op zo’n moment de vraag of jouw weten overeenstemt met jouw voelen. ‘Ik weet dat ik goed zit’ heeft namelijk een heel andere waarde als ‘ik voel dat ik goed zit’. Voel maar.