Geven en nemen

Ik neem je graag even mee in de reading die ik vanochtend gaf aan een dijk van een vrouw. Ze is een succesvolle zakenvrouw en heeft een mooi gezin en fijne vriendschappen. Het soort van vrouw dat alle hoofden laat draaien als ze ergens binnenkomt. Eén brok energie, enthousiasme en liefde. En ze staat altijd klaar voor een ander en dan ook voor de volle 100%.

Van boven kwam de vraag of ze ook wel goed voor zichzelf zorgt. Als in: je geeft zo veel, neem je ook wel genoeg?

Ik vond het een hele mooie vraag. Ik ga veel om met vrouwen* die heel erg veel geven. Gewoon omdat het in hun natuur zit om liefde te geven aan iedereen om zich heen. Het kost geen enkele moeite om mensen te vinden die onze liefde willen ontvangen. Gráág zelfs! Logisch, natuurlijk.

Maar je kunt je ook voorstellen, dat wanneer je blijft geven, zélfs je voorraadje liefde op een gegeven moment slinkt. En als je niet uitkijkt, loop je zelf leeg…

Om te kunnen blijven geven, is het dus nodig om een goede balans te vinden tussen geven en nemen. Als je liefde geeft, mag je ook liefde ontvangen. Als je emoties van anderen beluistert, mag je ook je eigen emoties uiten. Als je twijfels of zorgen van anderen aanhoort, mag je ook die van jou de ruimte geven.

‘Gevende’ mensen vinden het heel normaal om te geven. En vaak kijken anderen tegen hen op. Dat maakt het soms moeilijk om je kwetsbaar op te stellen. We denken vaak dat wanneer we zeggen dat we ons even niet goed voelen, mensen ons zien als zwak. Emoties tonen wanneer je als sterke vrouw bekend staat, dat is niet makkelijk. Maar wel nodig.

Kun je je voorstellen dat, wanneer je geeft én ook neemt, er een energiestroom tussen jou en de ander in beweging wordt gebracht? En kun je voelen dat de beweging van die stroom je veel extra energie oplevert? Geven en nemen, nemen en geven, geven en nemen, nemen en geven…. Als een wervelwind stuwen jullie elkaar – en jullie onderlinge relatie – tot grote hoogte.

Liefde vragen en ontvangen is niet egoïstisch. Het is noodzakelijk om de zaken binnen in jou en tussen jou en de ander in balans te brengen. Dus voel je daar niet vervelend over. De dame vanochtend zei: “Ik ben ook maar een mens.” En zo is het. We zijn allemaal maar mensen. Met emoties en behoeften. En het is onmenselijk om je eigen behoeften te ontkennen en jezelf de liefde van anderen te ontzeggen.

Vergeet bovendien niet dat een ander het óók fijn vindt om te geven. Als jij je hart op slot houdt en zegt: ‘Ik dop mijn eigen boontjes wel’, geef je de ander eigenlijk geen ruimte om jou te geven wat je verdient. Eigenlijk zeg je: ‘ik heb jouw cadeau niet nodig’. Kun je voelen hoe dat voelt voor die ander? Stel het je maar eens voor: een kinderfeestje. En de jarige zegt tegen een meisje dat haar een presentje wil geven: ‘Nee hoor, dankjewel. Ik koop mijn eigen cadeautjes wel.” Voel je hoe dat voelt, zowel voor de jarige als voor haar vriendinnetje?

Dus daarom: geef. Zo veel als je wilt. Maar vergeet niet ook te ontvangen. Daarmee doe je niemand tekort. Echt niemand.

* Bij elke vrouw/zij/haar kun je net zo makkelijk man/hij/zijn lezen.